Je BMI van vóór de zwangerschap zegt iets over de risico’s die je tijdens je zwangerschap loopt. Is die 25 of hoger, dan ben je zwanger met overgewicht. Dat verandert iets aan de risico’s en soms aan de zorg die je krijgt, maar niet aan het belangrijkste advies: goed eten, blijven bewegen en niet gaan lijnen.
Wat betekent zwanger zijn met overgewicht?
Zwanger zijn met overgewicht (BMI 25 – 29,9) of obesitas (BMI 30 of hoger) geeft een grotere kans op hoge bloeddruk, zwangerschapsdiabetes en zwangerschapsvergiftiging. Bij obesitas is ook de kans op een keizersnede groter. Hoe hoger je BMI, hoe groter die kansen. Lijnen tijdens de zwangerschap wordt afgeraden. Wel helpt het om gezond te eten, te bewegen en niet te veel aan te komen. Bespreek met je verloskundige welke extra zorg voor jou nodig is.
Welke risico’s horen bij overgewicht in de zwangerschap?
Een grotere kans betekent niet dat het jou ook overkomt. Het betekent wel dat je verloskundige of gynaecoloog er extra op let.
Onderzoek van verloskundige Veronique Maas onder 3.684 vrouwen, beschreven door het Erasmus MC, laat zien dat vrouwen die met overgewicht of obesitas zwanger worden vaker te maken krijgen met:
- hoge bloeddruk
- diabetes
- zwangerschapsvergiftiging (pre-eclampsie)
Overgewicht is ook een risicofactor voor zwangerschapsdiabetes, schrijft het Groene Hart Ziekenhuis. Dan zit er te veel suiker in je bloed in de tweede helft van de zwangerschap, legt Thuisarts uit.
Voor obesitas noemt de Nederlandse richtlijn Overgewicht en obesitas daarnaast een grotere kans op een keizersnede en een vroeggeboorte. Obesitas bij het begin van de zwangerschap wordt ook in verband gebracht met aangeboren afwijkingen bij de baby, zoals hartafwijkingen.
De kans neemt toe met je BMI. Dat blijkt uit een regionaal protocol van verloskundigen en ziekenhuis in Dordrecht en omgeving uit 2020. Het risico op zwangerschapsdiabetes en zwangerschapsvergiftiging is bij een BMI van 40 of hoger een stuk groter dan bij een BMI van 30 of hoger. Ook de kans op een keizersnede neemt toe.
Ook te veel aankomen speelt mee. Wie meer aankomt dan nodig, heeft volgens het Voedingscentrum meer kans op een zware baby. Een zwaardere baby heeft later in zijn leven weer een grotere kans op overgewicht.
Extra controles en zorg
Welke zorg je krijgt, hangt af van je BMI, je gezondheid en de afspraken in jouw regio. De precieze afspraken verschillen per regio. Je verloskundige bespreekt met je wat voor jou geldt.
Een voorbeeld is het regionale protocol van verloskundigen en ziekenhuis in Dordrecht en omgeving uit 2020. Daarin hangt de extra zorg zo af van je BMI:
| BMI vóór de zwangerschap | Extra zorg volgens het Dordtse protocol |
|---|---|
| 30 of hoger | Een test op zwangerschapsdiabetes en groei-echo’s bij 30 en 34 weken |
| 35 tot 40, bij een eerste zwangerschap | Daarnaast een consult en kennismaking in het ziekenhuis bij 36 weken |
| 40 of hoger | Begeleiding in het ziekenhuis tijdens de hele zwangerschap, groei-echo’s bij 27, 30 en 34 weken en een gesprek met de anesthesioloog in het laatste trimester |
Los daarvan wordt je bloeddruk in dat protocol gemeten met een bredere band als je bovenarm 34 centimeter of meer meet. In jouw regio kunnen de afspraken anders zijn.
Ook de Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie schrijft dat je verloskundige kan adviseren om in het ziekenhuis te bevallen als je obesitas hebt. Afhankelijk van het ziekenhuis, je gezondheid en de mate van obesitas kan de gynaecoloog je vóór de bevalling naar de anesthesioloog verwijzen. Die bespreekt met je welke verdoving mogelijk is, zoals een ruggenprik, en hoe de kans op complicaties kleiner kan worden. Een voorbeeld is de ruggenprik al vroeg tijdens de bevalling plaatsen.
Hoeveel mag je aankomen met overgewicht?
Met overgewicht noemt de internationale richtlijn van het Institute of Medicine (2009) 7 tot 11,5 kilo voor een zwangerschap van één kind, en met obesitas 5 tot 9 kilo. De Nederlandse richtlijn noemt bij obesitas een maximum van 8,5 tot 10 kilo. Het zijn richtwaarden, geen persoonlijk streefgewicht. Alle getallen per BMI en per week staan in hoeveel aankomen tijdens de zwangerschap normaal is.
Wat je zelf kunt doen
Afvallen is tijdens de zwangerschap geen doel, ook niet met overgewicht. Lijnen of vasten kan volgens het Voedingscentrum gevaarlijk zijn voor je baby en voor jezelf. Waarom dat zo is, lees je in afvallen tijdens zwangerschap.
Wat wel helpt, is gezond en gevarieerd eten. Eten voor twee is niet nodig, schrijft het Voedingscentrum. Heb je trek, kies dan iets uit de Schijf van Vijf in plaats van extra te snoepen. En blijf bewegen.
Voor vrouwen met obesitas geeft de Nederlandse richtlijn nog meer houvast:
- Bewegen: minstens 150 minuten per week met matige intensiteit.
- Een leefstijlprogramma zoals een gecombineerde leefstijlinterventie (GLI) mag je voortzetten als je zwanger wordt. Het doel is dan een gezonde leefstijl, niet gewicht verliezen.
- Afvalmedicijnen worden tijdens de zwangerschap afgeraden. Metformine gebruiken om minder aan te komen wordt ook afgeraden.
Lukt het niet goed om je eten en bewegen zelf bij te sturen en kom je veel aan? Dan kan je zorgverlener je volgens de richtlijn naar een diëtist verwijzen.
Omdat overgewicht de kans op zwangerschapsvergiftiging vergroot, is het goed om de signalen te kennen. Welke dat zijn en wanneer je direct belt, lees je in het artikel over hoeveel aankomen tijdens de zwangerschap normaal is.
Na de bevalling
Na de bevalling verandert het advies. Voor vrouwen met obesitas raadt de Nederlandse richtlijn aan om minstens het gewicht kwijt te raken dat je tijdens de zwangerschap bent aangekomen. Wat je na de bevalling kunt verwachten, lees je in hoeveel val je af na de bevalling.
De richtlijn noemt ook borstvoeding. Vrouwen met obesitas lopen vaker tegen problemen met borstvoeding aan. De richtlijn adviseert daarom extra ondersteuning, bijvoorbeeld van een lactatiekundige. Wat borstvoeding voor je gewicht kan betekenen, lees je in afvallen met borstvoeding.
Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen persoonlijk advies van je verloskundige, gynaecoloog, huisarts of diëtist.